Blog van JipKes Trainingen
Alleen zat er nooit alleen een moeder. Er zat ook een leerkracht, want dat was ik ook. Daardoor werd wat ik zei niet gehoord als de zorg van een ouder, maar als kritiek van iemand uit het vak die het beter dacht te weten. Ze wilden niets van mij aannemen. Niet omdat het niet klopte, maar omdat ik het was die het zei.
Zo zat ik daar met een kind dat vastliep en met alles wat ik erover wist, en toch veranderde er niets. Mijn kinderen werden niet gezien. Ik werd niet gehoord.
Ik kende dat gevoel al langer
Dat ik zelf hoogbegaafd ben, wist ik toen nog niet. Dat kwam pas veel later en ik ben er niet zelf achter gekomen.
Wat ik wel al jaren kende, was het gevoel dat er iets niet klopte zonder dat iemand er een woord voor had. Dat je hard werkt om mee te doen, je aanpast, je inhoudt en dat niemand het merkt omdat het van buiten goed genoeg lijkt. Ik dacht lang dat dat gewoon bij mij hoorde. Pas toen ik het bij mijn eigen kinderen zag gebeuren, zag ik het bij mezelf.
En in de leerlingbegeleiding zag ik het bij nog veel meer kinderen
Ze zaten bij me. Kinderen die met buikpijn naar school gingen. Niet één keer en niet in een moeilijke week, maar steeds.
Dan gaat het niet over de rekenles. Dan gaat het over een kind dat de hele dag bezig is met de vraag of het hier wel mag zijn zoals het is. Over die kinderen was altijd al iets gezegd. Dat het druk was, dat het faalangstig was, dat het onder zijn niveau presteerde. Er was zelden iemand die alleen maar keek naar wat dit kind nodig had. Bij mij lukte de theorie of de opdracht wel en op school steeds niet. Het voelde vaak structureel niet veilig genoeg.
Dat moest anders. Niet met een nieuwe methode of een dikker dossier, maar met iemand die kijkt.
Daarom doe ik dit werk
Alles wat ik nu doe komt uit die drie woorden. Ik zie jou.
Dat geldt voor het kind op de groep, waarover al zoveel is gezegd voordat jij het overnam. En het geldt net zo goed voor jou. Want jij bent degene die het moet zien, vaak met andere kinderen om je heen en er is zelden iemand die vraagt wat jij daarbij nodig hebt.
Daarom staat er in mijn trainingen nooit een schema centraal, maar de vraag wat je ziet en wat dit kind van je nodig heeft. Jij kent die kinderen. Ik help je alleen om weer te kijken.
Voor deze week
Denk aan één kind in je groep waarover al iets gezegd is voordat jij begon. Een woord dat in de overdracht zat, of in het dossier.
Doe morgen een half uur alsof je dat woord niet weet. Kijk alleen. Wanneer gaat het goed met dit kind, bij wie, op welk moment? Wat je dan opschrijft, is meer waard dan wat er al over hem lag.
Wil je daarmee aan de slag, dan is dit precies waar mijn gratis mini-training over gaat: van oordeel naar nieuwsgierigheid, in een kwartier, met een werkblad erbij.
Van welk kind in jouw groep denk jij dat het nog niet echt gezien wordt?